Rekenkamer Metropool Amsterdam
  • Amsterdam
  • Zaanstad

Opvolgingsonderzoek Sociale werkvoorziening in Amsterdam

Laatste update: 30 april 2015

Met dit opvolgingsonderzoek wil de rekenkamer de gemeenteraad informeren over de wijze waarop het college van B en W uitvoering heeft gegeven aan de aanbevelingen. Het rapport bevatte vijf aanbevelingen gericht op de verdere voorbereiding op de toenmalige Wet werken naar vermogen – de wet die is vervangen door de huidige Participatiewet.

Welke aanbevelingen zijn er uitgevoerd?

Maak weloverwogen beleidskeuzes:
uitgevoerd

Breng voor het maken van weloverwogen beleidskeuzes de volgende onderwerpen in kaart:

  1. de groepen arbeidsgehandicapten waarvoor de gemeente verantwoordelijk wordt, de omvang van deze groepen en de mogelijke dienstverleningen die voor hen geschikt en passend zijn, gelet op de beschikbaarheid en capaciteiten van de medewerkers;
  2. de voor- en nadelen van de verschillende mogelijke vormen om de dienstverlening aan mensen met een arbeidsbeperking te organiseren;
  3. de verwachte toekomstige uitvoeringskosten van de verschillende vormen van dienstverlening (waaronder de gemiddelde kosten voor de gemeente per werkplek) enerzijds en de toekomstige rijksbijdragen en mogelijke andere financieringsbronnen anderzijds;
  4. de kosten van het transitieproces en de resultaten van de reorganisatie bij Pantar;
  5. de regionale werkgevers die in aanmerking komen om te worden benaderd om mensen met een arbeidshandicap in dienst te nemen en de drempels die werkgevers ervaren bij het aannemen van arbeidsgehandicapten.

Conclusie over opvolging:  De aanbeveling is volledig uitgevoerd. De gemeente heeft weloverwogen beleidskeuzes gemaakt door de bovengenoemde onderwerpen in kaart te brengen in beleidsnota’s.
Onderzoeksrapport: p. 13

Maak een startnotitie en bespreek deze in de commissie WPA:
gedeeltelijk

Werk de relevante keuzevraagstukken uit in een startnotitie en bespreek deze in de commissie WPA. Zorg dat in de startnotitie in ieder geval de volgende keuzevraagstukken zijn uitgewerkt:

  1. Welke doelgroepen willen we binnen het beleid onderscheiden voor mensen met een arbeidshandicap?
  2. Welke financieringsbronnen willen we beschikbaar stellen voor welke doelgroepen?
  3. Hoe willen we het een en ander organiseren?

Conclusie over opvolging: De aanbeveling is gedeeltelijk uitgevoerd. De totstandkoming van zowel het definitieve Keuzedocument als de Re-integratieverordening is vooraf gegaan door een uitgebreide maatschappelijk en bestuurlijke consultatieronde. Bovendien is het keuzedocument uitgebreid in de raadscommissie Werk en Economie behandeld. Desalniettemin is de aanbeveling niet volledig uitgevoerd omdat de onderwerpen niet als keuzevraagstukken met verschillende scenario’s aan de raad is voorgelegd.   Onderzoeksrapport: p. 23

Onderscheid in een beleidsplan verschillende arbeidshandicaps:
uitgevoerd

Maak een beleidsplan voor de verschillende groepen van mensen met een arbeidshandicap waarin rekening wordt gehouden met de volgende onderwerpen:

  1. De uitkomsten van de discussie over de startnotitie (welke doelgroepen, hoe te financieren, hoe te organiseren);
  2. De formulering van beleidsdoelstellingen, maatregelen om nadelige gevolgen van doelgroepenprioritering50 te beperken en de variatie van het werkaanbod;
  3. Een concreet plan hoe werkgevers te overtuigen mensen met een arbeidshandicap in dienst te nemen;
  4. Afspraken over de financiële risicoverdeling tussen de gemeente en Pantar;
  5. De uitgangspunten voor de scheiding van opdrachtgeverschap, uitvoering en toezicht.

Conclusie over opvolging:

Aanbeveling 3 is volledig opgevolgd. Het Keuzedocument en de Re-integratieverordening Participatiewet kunnen gezien worden als het meest recente beleidsdocument voor de doelgroepen van de Participatiewet waarin de belangrijkste keuzes die de gemeente gemaakt zijn voor de uitvoering van de Participatiewet zijn vastgelegd. Onderzoeksrapport: p.29

Verbeter de uitvoering door duidelijke afspraken:
gedeeltelijk

Maak bij het organiseren van de uitvoering van het beleid in ieder geval afspraken over de volgende onderwerpen:

  1. de formalisering van de beleidsdoelstellingen in prestatiedoelstellingen, vastgelegd in jaarlijkse subsidiebeschikkingen;
  2. een kostenbewust toezicht op de uitvoering door voor- en nacalculatie van de kostprijzen en een branchevergelijking van kostprijzen;
  3. de scheiding van opdrachtgeverschap, uitvoering en toezicht in de aansturing van de uitvoeringsorganisatie.

Conclusie over opvolging: De aanbeveling is niet volledig uitgevoerd. Het college, heeft anders dan wij in 2011 aanbevolen, de prestatiedoelstellingen niet vastgelegd in jaarlijkse subsidiebeschikkingen. Het college heeft ervoor gekozen de afspraken met Pantar vast te leggen in dienstverleningsovereenkomsten. Onderzoeksrapport: p.34

Zorg voor een goede informatievoorziening:
uitgevoerd

Zorg als college en raad voor een goede informatievoorziening voor de besluitvorming over het transitieproces. Gebruik daarvoor:

  1. de startnotitie met de beleidsdilemma’s;
  2. het nieuwe beleidsplan voor arbeidsgehandicapten;
  3. de periodieke voortgangsrapportages over het transitieproces;
  4. de commissie WPA om tussentijds deskundigen en betrokkenen te consulteren.

Conclusie over opvolging: De college en de raad hebben de aanbeveling volledig overgenomen. De raad is op meerdere momenten duidelijk geïnformeerd, de nieuwe beleidsplannen zijn uitgebreid besproken, rapportages over de voortgang van het transitieproces zijn ontvangen en deskundigen zijn meerdere malen geconsulteerd die besproken zijn met de raad. Rekenkamerbrief: p. 3

Welke drie aandachtspunten zijn geformuleerd?

1. Startnotitie niet benut als ‘discussiedocument’
 De rekenkamer is van oordeel dat door scenario’s aan de raad voor te leggen de kwaliteit van de beleidskaders kan verbeteren en het draagvlak van de gemaakte keuzes kan worden vergroot.
Rekenkamerbrief: p.5

2. Toezicht op de uitvoering
De gemeente is verantwoordelijk voor nieuwe doelgroepen en gaat samenwerken met nieuwe partijen. Uit een oogpunt van control is het belangrijk dat de rechten en plichten over en weer goed worden vastgelegd. Dit is de basis om achteraf te evalueren en te controleren.  Rekenkamerbrief: p.6

3. Suggesties voor de leerperiode
Maak gebruik van de leerperiode om een algemeen afwegingskader te ontwikkelen. De ontschotting maakt het mogelijk en zinvol om op individueel niveau de afweging te kunnen maken tussen dagbesteding, beschut werken of eventuele andere voorzieningen.  Rekenkamerbrief: p.7