Handhaving openbare ruimte in Zaanstad

Laatste update: 10 juli 2012

Handhaving openbare ruimte in Zaanstad onderzocht
De rekenkamer heeft zich bij dit onderzoek gericht op handhaving in de openbare ruimte. Tot de taken van handhaving behoren onder andere toezicht houden op parkeerovertredingen (betaald parkeren en fout parkeren), toezicht houden op verkeerd aangeboden afval of hondenoverlast tegengaan. Handhaving is geen doel op zich, maar dient als middel om beleidsdoelen te realiseren. In Zaanstad levert handhaving openbare ruimte een bijdrage aan het realiseren van ‘een leefbare, schone en veilige stad’. De rekenkamer onderzocht of het handhavingsbeleid in de openbare ruimte doeltreffend is. Handhaving in de openbare ruimte wordt in de gemeente Zaanstad uitgevoerd door de afdeling straattoezicht van de Dienst Wijken.

Handhavingsbeleid vormt een cyclisch proces
Handhaving is het concreet uitvoeren van toezicht op het naleven van wetten en regels, maar het krijgt ook steeds meer aandacht vanuit het beleid. Het begrip programmatisch handhaven is daarbij van belang. Programmatisch handhaven wil zeggen dat het bestuur vooraf en weloverwogen bepaalt waar de prioriteiten in de handhaving liggen. Daarnaast moet het bestuur bepalen welke handhavingsmaatregelen het beste kunnen worden ingezet om ervoor te zorgen dat burgers en bedrijven de wetten en regels zoveel mogelijk naleven. Hierdoor wordt handhaving niet door incidenten bepaald, maar moet het bestuur een afweging maken om handhaving in te zetten op die terreinen waar dat het meest gewenst is. Door monitoring en evaluatie beoordeelt het bestuur of burgers op de gewenste wijze de regels naleven en of bijstelling van de prioriteiten noodzakelijk is.

Meer resultaatgericht denken en doen gewenst
De rekenkamer komt tot de conclusie dat de doeltreffendheid van de handhaving openbare ruimte in de gemeente Zaanstad verbeterd kan worden. De gemeente heeft een goede onderbouwing gemaakt van haar prioriteitenkeuze. De rekenkamer meent dat de gemeente Zaanstad bij handhaving openbare ruimte te weinig gericht is op resultaatgericht denken en doen. Dit kan de gemeente bereiken door de bijdrage van handhaving aan de gewenste maatschappelijke effecten en resultaten scherper te formuleren, door een analyse van het huidige gedrag van burgers bij de naleving van wetten en regels te maken en vervolgens het gewenste naleefgedrag van burgers te bepalen. Op grond van het onderzoek concludeert de rekenkamer dat de gemeente Zaanstad:

  • geen doelen heeft gesteld voor het beoogde gedrag van burgers;
  • geen goede afweging heeft gemaakt over de in te zetten handhavingsmaatregelen;
  • geen goede inschatting kan maken van de benodigde capaciteit en kosten;
  • moeilijk kan bepalen of de ingezette handhavingscapaciteit bijdraagt aan het behalen van het beleidsdoel.

Registratie, monitoring en evaluatie vertoont gebreken
Zaanstad kent de subjectieve beleving van de kwaliteit van de openbare ruimte door de bewoners door de Zaanpeiling. De gemeente beschikt echter niet over objectieve gegevens over het naleefgedrag van burgers en bedrijven. Deze zijn voor een analyse van dat gedrag en voor een resultaatgerichte bijsturing in het beleid en de uitvoering onontbeerlijk.
De gemeente beschikt wel over prestatiegegevens van de handhavers. Hieruit blijkt dat zowel in 2009 en 2010 het werkelijke aantal geconstateerde overtredingen (2009 ruim 13.000; 2010 ruim 14.000) aanzienlijk minder was dan beoogd (17.775 in 2009 en 18.000 in 2010). De opzet en indeling van de gegevensregistratie van de gemeente laten niet toe om de door de handhavers gewerkte uren per taak te vergelijken met de begrote uren.
In de gegevensregistratie ontbreken verder noodzakelijke elementen voor goede managementinformatie, zoals het type overtreding en de locatie daarvan. Ook de meldingenregistratie heeft hierin tekortkomingen. Door deze gebreken is het niet goed mogelijk voor de gemeente om op basis van de informatiesystemen te bepalen waar en wanneer handhavers het beste kunnen worden ingezet.

Kwaliteit medewerkers verdient blijvende aandacht
De rekenkamer constateert dat de leiding van de afdeling straattoezicht de kwaliteit van de medewerkers probeert te vergroten door het maken van resultaatgerichte afspraken, door verschillende maatregelen die de integriteit van de medewerkers verhogen en door scholing van de medewerkers. De meerderheid van de medewerkers lukt het echter niet om de afspraken te halen. De rekenkamer stelt verder vast dat het gemiddelde opleidings­niveau van de medewerkers laag is. Door de komst van nieuwe bevoegdheden zal in de toekomst meer van de handhavers worden verwacht. Dat maakt blijvende aandacht voor de kwaliteit van de medewerkers noodzakelijk.

Verbetering communicatie mogelijk
De gemeente Zaanstad maakt bij handhaving openbare ruimte gebruik van verschillende communicatiemiddelen. Toch signaleert de rekenkamer dat hier verbetering nodig is. Om het gedrag van burgers te beïnvloeden door communicatie is het nodig duidelijk te maken waarom de gemeente iets doet, wat de regels inhouden en wat de burgers er aan kunnen bijdragen. In de gesprekken die de rekenkamer voerde tijdens de wijkoverleggen werd door de bewoners naar voren gebracht dat de communicatie door de gemeente Zaanstad hierover tekort schiet. De gemeente kan de burgers beter informeren over de geldende wet- en regelgeving, over de taken en bevoegdheden van de handhavers en de melders een betere terugkoppeling geven over de afhandeling van hun melding.

Het onderzoeksteam bestond uit de heer drs. J. van Leuken (projectleider) en mevrouw drs D. van der Wiel. Dit onderzoek had niet op goede wijze tot stand kunnen komen zonder de bijdrage van de medewerkers van de dienst Wijken afdeling Straattoezicht. Ook bedankt de rekenkamer de leden van wijkoverleggen die hun bijdrage hebben geleverd aan dit onderzoek.